Homo faber

Rivieren zijn betonnen afvoergoten ,
Geen leden van een gaaf en levend land ,
Het ongetemde dient met spoed ontsloten ;
Wat welig groeit moet worden afgebrand.

Elk vloeiend spel moet worden uitgestoten :
De rechte lijn eist het gezond verstand.
Zo worden vrije beken dode sloten,
Dan hebben wij ze veilig in de hand.

Natuur mag mooi zijn en wellicht gezond,
Doch nimmer norm; men weet met haar geen raad.
De asfaltmens leeft op als hij haar mijdt.

Zij kent geen doel, zij heeft haar eigen baat.
De woelratmens schept de verleden tijd
van Waterstaat: er staat niet wat er stond.

16 juli 1985
In:
Hartgespan
De levende Natuur
Po√ęzie, Natuur en Milieu
Groesbeeks Milieujournaal

Comments are closed.