De lucht vol zoete onbereikbaarheid

De lucht vol zoete onbereikbaarheid,
Het gras fluwelig koel als jonge monden,
Een huivering die door de bomen glijdt,
De bloesems groot en vragend losgewonden –
Zo houdt de lentenacht haar adem in
Om de vervulling van een droom te wachten:
Maar zij is zelf het tederste begin.
Het onuitsprekelijke, sluimerzachte.

1950
In:
Hartgespan
Jambe
Poƫzie, Natuur en Milieu
Hortus Arcadiƫ

Comments are closed.