Secretaresse

Zorg voor zijn welzijn is haar toegedacht,
ze weet dit met het hare te vervlechten.
Haar stem – ze heeft hem daarmee in haar macht –
Spreekt van haar plichten en zingt van haar rechten.

Meer dan een echtpaar zijn ze één in dracht.
Zij zoeken zich niet aan elkaar te hechten;
maar soms, als zij hem innig tegenlacht,
weet zij de drempel tussen hen te slechten.

Hij neemt haar in zijn armen en vergeet
Dossiers, beloften, budget en moraal,
Verzaligd in haar geur en jonge bloei.

Zij kust hem teder, maar vermijdt gestoei;
Noteert een zin, en zegt in ogentaal:
“ ‘t Is goed, mijn lief, zeg nooit dat het je speet”.

Texel, 3 juli 1985

Comments are closed.