Hibernia liberata

Ierland 1922

Vermetel in hun curraghs zijn zij groot
op zee, maar dan armzalig op het land.
Want vruchtbaar is daar slechts de moederschoot,
die huis en hof met krijsend kroost bemant.

Hun zielen vroom, hun haren veelal rood;
de alcohol benevelt hun verstand.
Aan turf en wier ontspruit hun daag’lijks brood,
de wind is Gods verheven afgezant.

Regen doordrenkt hun leven en hun ziel,
maar heeft geen vat op hun skurriele geest,
Zij vieren met of zonder whiskey feest.

Of Gods genade schamel op hun viel
dan wel in overvloed – zij feesten door,
onder het wakend oog van hun pastoor.


27 juli 1985
In: Vier Dimensies, Ballustrada en Lava

Comments are closed.