De Bodemkenner

Voor Max Felix

Zijn liefde richt zich tot de opperhuid
van Moeder Aarde, die zij heeft verworven
door het gewroet van wezens, aangevuld
– summier – als biosfeer, veelal gstorven.

Hij boort in haar, hij onderzoekt een kluit,
en als hij haar veelvuldig heeft gekorven,
vindt hij tenslotte, als een magere buit,
‘t causaal proces waardoor zij is bedorven.

Grondwatertrappen heeft hij in zijn macht;
hij weet hoe al haar horizonten heten,
ervaart haar zavel als fluwelig zacht.

Hij schrijft een boek, en nog een, en verwacht
dat zijn verhaal wel snel zal zijn vergeten;
Zoveel is immers eerder al bedacht.


2 juli 1985
In: Vier Dimensies, De Levende Natuur en Kunst en Wetenschap

Comments are closed.